Methodiek Keuzegids Masters 2015: gegevens en bronnen

Waarop zijn de gegevens in de Keuzegidstabellen gebaseerd? Wat zijn de bronnen en normen, en hoe wordt er gewogen? Hier een toelichting op onze methodiek. We delen de toelichting in drie stukken:

(1)  Welke opleidingen worden behandeld?

(2)  De beschrijvende details over opleidingen – deels alleen in de online mastervergelijker

(3)  De studenten- en deskundigenoordelen

1.  Welke opleidingen?

In deze tabellen streven wij naar volledigheid. Je treft hier dus alle in Nederland geregistreerde masteropleidingen aan, zowel universitair als hbo. En dat zijn er ruim 1200!

Maar…. alleen opleidingen die als zelfstandige master geaccrediteerd zijn door de NVAO èn geregistreerd in het landelijk register CROHO, zijn opgenomen. Ook de (DUO-)studiecode van de opleiding staat vermeld, zodat men altijd weet over welke master het gaat en de registratie zelf kan controleren. Dit helpt ook bij het inschrijven.

Om ‘slapende’ opleidingen uit te sluiten, controleren wij ook of een opleiding daadwerkelijk wordt aangeboden. Dit gebeurt primair op de website van de instelling, en zonodig door navagen.

Als startpunt bij ons werk nemen wij de lijst masters uit de landelijke studiekeuzedatabase van Studiekeuze123 (peildatum 1-2-2015). Deze lijst wordt volgens bovenstaande criteria bijgewerkt en gecorrigeerd.

LET OP: Masters die feitelijk slechts een ‘track’ zijn binnen een geregistreerde master, worden niet apart in onze tabellen opgenomen.

Uitzondering: In het overzicht van MBA-opleidingen nemen wij ook enkele masters op die niet NVAO-geaccrediteerd zijn. In deze discipline is nationale accreditatie nog geen gemeengoed. De lezer heeft echter belang bij een redelijk compleet overzicht.

2.  Beschrijvende details

a.  Voltijd, deeltijd, duaal (alleen in de online tool)

Ook deze gegevens zijn in principe gebaseerd op de officiële registratie van de opleiding. En ook hier nemen we de gegevens uit de landelijke studiekeuzedatabase van Studiekeuze123 als startpunt (peildatum 1-2-2015). Als wij vaststelden dat deeltijd- of duale varianten feitelijk niet werden aangeboden, lieten wij deze achterwege. Dit punt is echter moeilijker controleerbaar. Sommige masters krijgen maar eens in de twee jaar een deeltijdstudent. Controleer altijd of deeltijdstudie wel echt mogelijk is, en met welke voorwaarden!

b. Lengte, februaristart, voertaal, collegegeld (alleen in de online tool)

De lengte van elke opleiding in studiepunten is goed gedocumenteerd in het landelijke register. Deze gegevens behoeven weinig toelichting. Bij een voltijdopleiding is het standaard aantal studiepunten (EC) per jaar 60, wat gelijk staat met 1680 uur studie. Bij deeltijdstudies kan dit aantal variëren. Vaak ligt het echter op 30 EC per jaar. Bij sommige intensieve professionele masters doe je juist meer in een jaar.

De kolom “ook start in februari?” is recent toegevoegd. Omdat je niet meer aan een master mag beginnen voordat je de bachelor gehaald hebt (‘harde knip’), wordt een extra startmoment naast de gangbare datum van 1 september namelijk steeds belangrijker. De informatie is niet altijd makkelijk te vinden, dus heeft de Keuzegidsredactie het van alle opleidingen uitgezocht. We stellen vast dat de meerderheid van de masteropleidingen nog niet zo’n tweede startmoment biedt.

Nieuw sinds 2014 is ook de kolom over de voertaal van de opleiding. Een Engelse opleidingsnaam betekent namelijk nog niet dat het onderwijs ook Engelstalig is. Ook de gegevens die instellingen over de taal van hun opleidingen aan de landelijke studiekeuzedatabase leveren, blijken niet compleet en actueel. Wij checkten dit dus voor alle opleidingen op de eigen websites van de instellingen.

Het collegegeld is een belangrijk onderwerp. We noemen steeds twee bedragen:

  • Het basistarief vind je in de eerste kolom. Dit is bij overheidsgefinancierde fulltime masters komend jaar 1951 euro. Bij niet-gesubsidieerde masters vind je aanzienlijk hogere tarieven. Alle gegevens zijn verzameld bij de instellingen zelf.
  • Het hoge tarief vind je onder collegegeld indien 2de studie. Dit tarief geldt doorgaans ook voor studenten van buiten de EU. Het kan per faculteit of opleiding verschillen en de informatie erover is vaak moeilijk te vinden of tegenstrijdig. De redactie van de Keuzegids heeft de tarieven echter voor vrijwel alle opleidingen in kaart kunnen brengen. De verschillen zijn groot genoeg om deze informatie belangrijk te vinden.

c.  Studentenaantal (alleen in de online tool)

In andere Keuzegids-edities worden instroomcijfers vermeld, dus het aantal ‘eerstejaars’. In de door ons gebruikte bron (de landelijke studiekeuzedatabase) zijn deze gegevens bij de masteropleidingen echter zeer onvolledig. Ook wordt het begrip ‘instroom’ minder eenduidig, nu masterstudenten vaak ook op andere momenten dan in september kunnen starten.

Daarom gebruiken wij het totale aantal studenten als kengetal voor de omvang van een opleiding. Deze cijfers zijn in de genoemde bron beter beschikbaar. Bovendien zijn waar nodig goede schattingen mogelijk van het aantal studenten op basis van gegevens uit de Nationale Studenten Enquête.

d.  Tracks en specialisaties

Deze gegevens zijn gebaseerd op eigen research van de Keuzegidsredactie en haar auteurs. Bron van deze research is de informatie zoals vermeld op de websites van opleidingen en instellingen.

De indeling in relevante aandachtsgebieden of subdisciplines is met de grootste zorg uitgevoerd, maar bevat altijd een arbitrair element. De ‘kruisjestabel’ is dan ook vooral bedoeld voor een vergelijkende oriëntatie.

Nieuw dit jaar: in de online mastervergelijker is bij alle opleidingen in de ‘grotere’ disciplines ook een lijst opgenomen met de exacte namen van specialisaties of tracks.

e.   Toelatingseisen (alleen in de online tool)

Voor de editie 2015 heeft de redactie uitgebreide research gedaan naar toelatingseisen, voor zowel ‘eigen’ studenten als studenten uit andere vakgebieden of instellingen. In de online mastervergelijker worden deze eisen op een uniforme manier samengevat.

Nieuw toegevoegd in 2015

3. Studenten- en deskundigenoordelen

In onze tabellen worden alle opleidingen per (sub-)discipline geordend op basis van een door de Keuzegidsredactie berekende totaalscore, op basis van studenten- en deskundigenoordelen. LET OP: Niet bij alle opleidingen is een compleet, betrouwbaar studentenoordeel beschikbaar. Bij opleidingen waar dit niet het geval is, worden alleen de deskundigenoordelen getoond. Er is daar geen totaalscore berekend.

a.  Studentenoordelen

Alle gepubliceerde studentenoordelen zijn ontleend aan de Nationale Studentenenquête (NSE), afleveringen 2012 t/m 2014. Bij de meeste van de masteropleidingen zijn, om de betrouwbaarheid van de meting te vergroten, de resultaten van twee of drie enquêtejaren samengenomen. Slechts bij één op de drie opleidingen was de steekproef zo groot dat alleen de meting van 2014 een betrouwbaar oordeel opleverde.

De gidsredactie publiceert de oordelen in samengevatte vorm. Uit de bijna honderd oordeelsvragen van de NSE hebben wij er 35 geselecteerd, en ingedeeld in 7 thema’s. De exacte vragenselectie, de wijze van berekening en de normstelling, wordt elders op deze website toegelicht. zie berekeningen en normen.

b.  Expertoordelen

Deze gegevens zijn ontleend aan de accreditatiebesluiten van de nationale keuringsinstantie voor het hoger onderwijs, de NVAO (www.nvao.nl). Deze besluiten zijn op hun beurt weer gebaseerd op visitatierapporten, die worden opgesteld door een panel dat de opleiding heeft bezocht. Door de overgang naar een nieuw accreditatiestelsel zijn er op dit moment drie typen rapporten beschikbaar, met drie verschillende sets oordelen over de kwaliteit van een opleiding.

In de Keuzegids Masters is de thema-indeling van ‘nieuwe’ accreditatiebesluiten (Beperkte Toets) leidend. In deze besluiten wordt de opleiding beoordeeld op drie thema’s. Wij presenteren deze drie oordelen apart,  met een aangepaste korte titel. Uit oude accreditatiebesluiten worden de drie meest vergelijkbare oordelen getoond.