Methodiek Keuzegids Hbo en Universiteiten 2019: Expertoordelen

Expertoordelen Keuzegidsen 2019: criteria en normstelling

Het ‘expertoordeel’ in de Keuzegidsen is gebaseerd op de oordelen uit NVAO-accreditatiebesluiten. Omdat de aanpak van de NVAO elke paar jaar verandert – en oude oordelen minstens zes jaar geldig blijven – hebben we te maken met allerlei soorten accreditatiebesluiten, met elk net weer verschillende facetoordelen. Hier focussen we op de meest gangbare types:

  • UT=Uitgebreide Toets. 11 of 16^ beoordeelde facetten + 1 totaaloordeel
  • BT=Beperkte Toets. 4 of 3^ beoordeelde onderwerpen, 1 totaaloordeel

^) Tot medio 2016 werd er in de UT een groter aantal facetten beoordeeld. En in de BT werden ‘kwaliteit toetsing’ en ‘gerealiseerd eindniveau’ samen beoordeeld.
Bij de ‘toets nieuwe opleidingen’ (TNO) gebruikt de NVAO nog iets aangepaste criteria; dit heeft echter geen invloed op onze verwerking.

De Keuzegids haalt uit deze twee typen NVAO-oordelen een vaste set criteria en gebruikt die voor het ‘expertoordeel’ – zodat we het steeds over dezelfde kwaliteiten hebben.

We onderscheiden 4 oordelen:

  1. Doelstelling: beoogde eindkwalificaties
  2. Programma en onderwijsleeromgeving
  3. Toetsing en gerealiseerd eindniveau
  4. Totaaloordeel

Bij de beperkte toets (BT) van de NVAO zijn deze oordelen makkelijk te vinden. Alleen het onderwerp C is sinds medio 2016 gesplitst in twee oordelen; wij nemen hiervan het gemiddelde.

Bij de uitgebreide toets (UT) zijn de onderwerpen A,C en D eenduidig. Alleen bij onderwerp B is het iets ingewikkelder. Hier gebruikt de Keuzegids 5 criteria:

(B) Programma en onderwijsleeromgeving in UT:
B1. Oriëntatie van het programma
B2. Inhoud van het programma
B3. Vormgeving van het programma
B4. Kwaliteit van het personeel (of: ‘het personeel is gekwalificeerd’)
B5. Materiële voorzieningen (of: ‘huisvesting en materiële v..’)

Scores per onderwerp

De NVAO geeft per deelonderwerp (of: facet) oordelen. Wij vertalen deze als volgt in scores:

Onvoldoende 1
Deels voldoende 2,5
Voldoende 3
Goed 4
Excellent 5

Bij onderwerpen met twee of meer criteria geldt het gemiddelde van de facetscores als het NVAO-oordeel.

Berekening expertoordeel Keuzegids

Ons expertoordeel wordt gebaseerd op de vier oordelen A t/m B. We tellen de vier scores op. Dit levert een tussenscore op. Hier laten we de volgende normen los.

Normering expertoordeel
Klasse Betekenis Tussenscore
ondergemiddeld < 12
o gemiddeld 12 – 14,1
+ bovengemiddeld 14,2 – 16
+ + sterk bovengemiddeld > 16,1

NB: Een opleiding met louter voldoendes krijgt als tussenscore: 4 x 3 = 12 punten. Een opleiding met louter ‘goed’ krijgt als tussenscore: 4 x 4 = 16 punten. Dit is bovengemiddeld. Met nog één excellent onderdeel verdient de opleiding een dubbele plus.