Methodiek Keuzegids Hbo 2018: Gebruikte gegevens en bronnen

Feiten per opleiding/vestiging

1. Collegegeld per jaar

Vermeld is het tarief voor voltijdstudenten in hun ‘eerste studie’ in studiejaar 2017/2018. Bij de bekostigde hogescholen is dit vrijwel steeds het wettelijk collegegeld*. Dit is 2060 euro. In enkele gevallen mogen bekostigde instellingen van dit tarief afwijken. Dan is dit vermeld.

Bij particuliere opleidingen varieert de prijs van een jaar studeren van 2.000 tot 16.000 euro. Deze gegevens heeft de gidsredactie systematisch verzameld bij de betreffende particuliere scholen.

*) Voor een ‘tweede studie’ geldt meestal het hogere instellingscollegegeld. Een uitgebreid overzicht van de tarieven per hogeschool vind je op www.studie-kosten.nl

2. Instroom: eerstejaars voltijd

Deze cijfers, met peildatum 1 oktober 2016, zijn voor het bekostigde hbo afkomstig van de Vereniging Hogescholen. De VH heeft ze gebaseerd op door DUO gecontroleerde registratiebestanden – het zogenaamde 1CHO. De cijfers betreffen primair de voltijd-opleidingen^. Dit jaar hebben wij alleen de ‘echte’ eerstejaars meegeteld; dat zijn studenten die niet al eerder aan een (andere) hbo-opleiding begonnen waren.

De genoemde bestanden van de VH bevatten geen instroomcijfers van particuliere hgescholen. Deze leemte is op twee manieren zo goed mogelijk opgevuld:

  • Een kleine groep particuliere hogescholen leverde de cijfers zelf  (TIO, TMO, TNS, Notenboom)
  • Bij andere opleidingen, als ze deelnamen aan de Nationale Studenten Enquête: schatting van de instroom op basis van populatie-aantallen.

^Bij opleidingen die louter in deeltijd of duaal worden aangeboden, is voor zover beschikbaar het aantal eerstejaars in de betreffende variant vermeld.

3. Numerus Fixus en selectie

Er bestaat geen landelijke loting meer in het hoger onderwijs. Opleidingen met een studentenstop of Numerus Fixus moeten nu zelf selecteren. Wij hebben de gegevens hierover direct betrokken van de hogescholen zelf.

Per 1 september 2017 was nog van lang niet alle opleidingen precies bekend of ze komend jaar met een studentenstop zullen werken. In de gedrukte versie van deze gids wordt de stand van zaken van begin september per vakgebied samengevat in de tabel ‘Feiten’. In de online versie wordt vanaf eind oktober bij alle opleidingen aangegeven of er sprake is van selectie. Wijzigingen in de weken daarna worden steeds direct verwerkt.

Prestaties en oordelen per opleiding/vestiging

4. Studiesucces

Twee van onze beoordelingscriteria betreffen cijfers over het studiesucces van ingestroomde studenten per opleiding. Deze zijn gebaseerd op onderwijsstatistieken van de Vereniging Hogescholen, peildatum oktober 2016. Bij grotere opleidingen (instroom >40) is alleen gerekend met de meest recente jaargang studenten, bij kleinere zijn twee of zelfs drie jaargangen meegeteld. Als de totale instroom kleiner dan 20 was, is geen score berekend (nb=niet beschikbaar).

a.  Survival 1e jaar

Dit betreft de ‘niet uitval’ in het eerste jaar. Hiervoor hebben wij een maatstaf ontwikkeld die het succes in het eerste jaar goed weergeeft.  We kijken niet zwartwit naar wel/niet doorgaan met studeren, maar wegen ook mee wáár de studenten doorstuderen. Doorgaan in dezelfde studie is het beste, omzwaaien naar een niet verwante studie telt voor 30% succes. Want dat is nog altijd beter dan helemaal stoppen met studeren. Het draait hier om de voltijd eerstejaars van 2015, die aan een eerste studie begonnen.

Wegingspercentage succes eerste jaar
Type situatie in jaar 2 % succes
Zelfde studie en school 100%
Verwante studie, zelfde school 60%
Zelfde studie, elders 40%
Verwante studie, elders 40%
Niet-verwante studie* 30%
*) Dit jaar zijn ook overstappers naar de universiteit in deze categorie meegeteld. Zij hebben meestal wél de hbo-propedeuse gehaald. Het is eigenlijk wat zuinig om dit slechts voor 30% als ‘succes’ te beschouwen. Voor de Keuzegids 2019 zullen we deze weging opnieuw tegen het licht houden. Binnenkort publiceren we over dit onderwerp een essay, om discussie aan te zwengelen.

b.  Slagingspercentage na 5 jaar

Dit is het percentage van alle voltijd eerstejaars dat na vijf jaar een hbo-diploma heeft behaald, ook als dat bij een andere opleiding is. Hier tellen we wel alle studiecarrières even zwaar. Een opleiding waar veel studenten volledig afhaken, wordt nu dus door de combinatie van criterium (a) en (b) strenger beoordeeld dan één waar studenten met succes overstappen naar een andere studie.

Ook hier zijn de gegevens gebruikt van de meest recente jaargangen. De laatste betreft de eerstejaars van 2011, die in september 2016 vijf jaar gestudeerd hadden.

Beide soorten cijfers zijn ontleend aan bestanden die publiekelijk beschikbaar zijn bij www.vereniginghogescholen.nl en daar de rubriek ‘feiten en cijfers’, subrubriek onderwijs. Bestanden ‘uitval’ en ‘studiesucces’. Voor gehanteerde normen, zie “berekeningen en normen

c.  Contacturen: vervallen

NB: dit jaar gebruiken wij geen scores over het aantal contacturen. Aanleiding is dat de vragen hierover per 2018 helaas uit de Nationale Studenten Enquête verwijderd worden. De Keuzegids wil continuïteit in indicatoren en besloot bij een herindeling van haar ‘studentenoordeel’- thema’s deze vragen al in 2017 niet meer te gebruiken. Zie verder de volgende paragraaf (over ‘studentenoordelen’)

5. Studentenoordelen (vernieuwd)

Alle gepubliceerde studentenoordelen zijn ontleend aan de jaarlijkse Nationale Studenten Enquête (NSE),  georganiseerd door Stichting Studiekeuze123. Bij opleidingen van voldoende omvang betreft het alleen de oordelen uit 2017; bij kleinere opleidingen zijn voor de statistische betrouwbaarheid de oordelen van twee of zelfs drie jaar gebundeld. Enkele opleidingen zijn in 2017 niet onderzocht; ook daar is dan gebruik gemaakt van oordelen uit eerdere jaren.

De gidsredactie publiceert de oordelen in samengevatte vorm. Uit de bijna honderd oordeelsvragen van de NSE hebben wij er 33 geselecteerd en ingedeeld in 7 hoofdthema’s. Deze thema-indeling is dit jaar licht gewijzigd. Hier geven we de belangrijkste wijzigingen aan:

a. Het oude thema ‘inhoud’ is gesplitst in twee aparte thema’s ‘programma‘ en ‘toetsing‘.

b. Het oude dubbelthema ‘communicatie’ is vervangen door een nieuw thema ‘begeleiding‘. Vooral de vragen over informatievoorziening zijn verwijderd..

Technische toelichting over de exacte 33 vragen en de wijze van berekening is te vinden op de aparte pagina “berekeningen en normen“..

6. Expertoordelen

Deze gegevens zijn ontleend aan de scores behorend bij accreditatiebesluiten van de nationale keuringsinstantie voor het hoger onderwijs, NVAO. (www.nvao.net)

Omdat het accreditatiestelsel in een overgangsfase zit, bestaan er verschillende soorten accreditatiebesluiten. De redactie van de Keuzegids heeft normen ontwikkeld om deze besluiten op enigszins vergelijkbare wijze samen te vatten.

De essentie hiervan is dat wij bij uitgebreide oordelen met 16 of 21 beoordeelde facetten precies die onderwerpen selecteren die ook de onderbouwing vormen van de ‘beperkte’ opleidingstoets. Hierbij wordt vooral zwaar getild aan het ‘niveau’ van het programma en de afgestudeerden en de kwaliteit van de toetsing. Dat zijn precies de zaken waar een deskundigenoordeel toegevoegde heeft vergeleken met de actuele ervaring van studenten.

Zie voor details de pagina berekeningen en normen op deze site.

De SKI-database

Een hulpmiddel voor de redactie van de Keuzegids is de Studiekeuzedatabase, die wordt samengesteld door  Studiekeuze123. Voor meer informatie, ga naar www.studiekeuzeinformatie.nl.

Deze database bevat het overzicht van opleidingen, waarop ook de website www.studiekeuze123.nl is gebaseerd. In het hbo gebruiken wij de database slechts voor enkele gegevens. Zie de toelichting per gegevensset.

Zie verder:

Berekeningswijze en normen