Dit overzicht betreft zowel de Keuzegids zelf (boek en online) als de aparte webtool “Mastervergelijker”

Waarop zijn de getoonde gegevens gebaseerd? Wat zijn de bronnen en normen, en hoe wordt er gewogen? Hier een toelichting op onze methodiek. We delen de toelichting in drie stukken:

(1)  Welke opleidingen worden behandeld?

(2)  De beschrijvende details over opleidingen – deels alleen in de online mastervergelijker

(3)  De studenten- en deskundigenoordelen

 

1.  Welke opleidingen?

In deze tabellen streven wij naar volledigheid. Je treft hier dus alle in Nederland geregistreerde masteropleidingen aan, zowel universitair als hbo. En dat zijn er ruim 1200!

Maar…. alleen opleidingen die als zelfstandige master geaccrediteerd zijn èn geregistreerd in het landelijk register CROHO, zijn opgenomen. Master- “programma’s” die feitelijk slechts een ‘track’ zijn binnen een geregistreerde master, worden niet apart in onze tabellen opgenomen.

In onze online mastervergelijker staat bij elke opleiding ook Ook de (DUO-)studiecode vermeld, zodat je altijd weet over welke master het gaat en de registratie zelf kan controleren. Dit helpt ook bij het inschrijven.

Om ‘slapende’ opleidingen uit te sluiten, controleren wij ook of een opleiding daadwerkelijk wordt aangeboden. Dit gebeurt primair op de website van de instelling, en zonodig door navagen.

Als startpunt bij ons werk nemen wij de lijst masters uit de landelijke studiekeuzedatabase van Studiekeuze123 (peildatum januari 2017). Deze lijst wordt volgens bovenstaande criteria bijgewerkt en gecorrigeerd.

Uitzondering: In het overzicht van MBA-opleidingen nemen wij ook enkele masters op die niet NVAO-geaccrediteerd zijn. In deze discipline is nationale accreditatie nog geen gemeengoed. De lezer heeft echter belang bij een redelijk compleet overzicht.

2.  Beschrijvende details

a.  Voltijd, deeltijd, duaal (alleen in de online tool)

Ook deze gegevens zijn in principe gebaseerd op de officiële registratie van de opleiding. En ook hier nemen we de gegevens uit de genoemde studiekeuzedatabase als startpunt. We ijken deze gegevens vervolgens met andere bronnen, zoals de websites van de instellingen. Als wij vaststelden dat deeltijd- of duale varianten feitelijk niet werden aangeboden, lieten wij deze achterwege.

b. Lengte, startdatum, voertaal, collegegeld (alleen in de online tool)

De lengte van elke opleiding in studiepunten is goed gedocumenteerd in het landelijke croho-register. Deze gegevens behoeven weinig toelichting. Bij een voltijdopleiding is het standaard aantal studiepunten (EC) per jaar 60, wat gelijk staat met 1680 uur studie. Bij deeltijdstudies kan dit aantal variëren. Vaak ligt het echter op 30 EC per jaar. Bij sommige intensieve professionele masters doe je juist meer in een jaar.

De kolom startdatum is ook belangrijk. Omdat je niet aan een master mag beginnen voordat je de bachelor gehaald hebt, groeit de behoefte aan meer startmomenten per jaar. Bij steeds meer masters kan je daarom ook starten in februari, of op nog meer momenten. De Keuzegidsredactie heeft dit voor alle opleidingen uitgezocht.

De voertaal van de opleiding. Een Engelse opleidingsnaam zegt nog niks. En een paar Engelstalige leerboeken ook niet. Het gaat hier echt over het onderwijs zelf. Wij checkten dus voor alle opleidingen op de eigen websites van de instellingen wat de onderwijstaal is. De combinatie “Ne, En” betekent dat delen van de opleiding Nederlandstalig en andere delen Engelstalig zijn. Als er Ne/En staat, kan je kiezen voor een volledig Engelstalige variant. Hetzelfde geldt soms voor Duits of een andere taal.

Het collegegeld is een belangrijk onderwerp. We noemen steeds twee bedragen:

  • Het basistarief vind je in de eerste kolom. Dit is bij overheidsgefinancierde fulltime masters komend jaar 1984 euro. Bij niet-gesubsidieerde masters vind je aanzienlijk hogere tarieven. Alle gegevens zijn verzameld bij de instellingen zelf.
  • Het hoge tarief vind je onder collegegeld 2de studie. Dit tarief geldt doorgaans ook voor studenten van buiten de EU. Het kan per faculteit of opleiding verschillen en de informatie erover is vaak moeilijk te vinden of tegenstrijdig. De Keuzegids heeft de tarieven voor vrijwel alle opleidingen in kaart kunnen brengen – met dank aan de collega’s van studie-kosten.nl. Op die website worden wijzigingen in collegegeld e.d. regelmatig bekendgemaakt. De verschillen zijn groot genoeg om op te letten. Dit jaar heeft de UU zijn tarieven flink verlaagd, terwijl de UvA en de VU nu juist duurder zijn geworden.

c.  Eerstejaarsaantal (alleen in de online tool)

Deze cijfers komen grotendeels uit de landelijke studiekeuzedatabase. Waar ze ontbraken (vooral bij postacademische en post-hbo masters) zijn de instroomcijfers geschat op basis van gegevens uit de Nationale Studenten Enquête.

d.  Tracks en specialisaties

Deze gegevens zijn gebaseerd op eigen research van de Keuzegidsredactie en haar auteurs. Bron van deze research is de informatie op de websites van opleidingen en instellingen.

De indeling in thema’s in de gedrukte Keuzegids is met de grootste zorg uitgevoerd, maar bevat altijd een arbitrair element. De ‘kruisjestabel’ is dan ook vooral bedoeld voor een vergelijkende oriëntatie.

In de webtool “mastervergelijker” staan de exacte namen van aangeboden specialisaties of tracks.

e.   Toelatingseisen (alleen in de online tool)

De redactie heeft ook uitgebreide research gedaan naar toelatingseisen, voor zowel ‘eigen’ studenten als studenten uit andere vakgebieden of instellingen. In de online mastervergelijker worden deze eisen op een uniforme manier samengevat. Zie ook het persbericht dat op 28 februari bij deze gids verschijnt.

 

3. Studenten- en deskundigenoordelen

In onze tabellen worden alle opleidingen per (sub-)discipline geordend op basis van een door de Keuzegidsredactie berekende totaalscore, op basis van studenten- en deskundigenoordelen. LET OP: Niet bij alle opleidingen is een compleet, betrouwbaar studentenoordeel beschikbaar. Bij opleidingen waar dit niet het geval is, worden alleen de deskundigenoordelen getoond. Er is daar geen totaalscore berekend.

a.  Studentenoordelen

Alle gepubliceerde studentenoordelen zijn ontleend aan de Nationale Studentenenquête (NSE), afleveringen 2014 t/m 2016. Slechts bij één op de drie opleidingen was de steekproef zo groot dat alleen de meting van 2016 een betrouwbaar oordeel opleverde. Bij andere opleidingen zijn, om de betrouwbaarheid van de meting te vergroten, de resultaten van twee of drie enquêtejaren samengenomen.

De gidsredactie publiceert de oordelen in samengevatte vorm. Uit de bijna honderd oordeelsvragen van de NSE hebben wij er 40 geselecteerd, en ingedeeld in 8 hoofdthema’s. Nieuw vergeleken met Keuzegids 2016 en eerder is dat dit keer ook de vragen over studielast zijn meegeteld. De exacte vragenselectie, de wijze van berekening en de normstelling, wordt elders op deze website toegelicht. zie berekeningen en normen.

b.  Expertoordelen

Deze gegevens zijn ontleend aan de accreditatiebesluiten van de nationale keuringsinstantie voor het hoger onderwijs, de NVAO (www.nvao.nl). Deze besluiten zijn op hun beurt weer gebaseerd op visitatierapporten, die worden opgesteld door een panel dat de opleiding heeft bezocht. Door de overgang naar een nieuw accreditatiestelsel zijn er op dit moment drie typen rapporten beschikbaar, met drie verschillende sets oordelen over de kwaliteit van een opleiding.

In de Keuzegids Masters is de thema-indeling van ‘nieuwe’ accreditatiebesluiten (Beperkte Toets) leidend. In deze besluiten zijn opleidingen de afgelopen jaren beoordeeld op drie thema’s. Hiervan presenteren wij het eerste en derde oordeel, omdat deze gaan over aspecten die studenten zelf het moeilijkst kunnen beoordelen, namelijk het ‘niveau’ van de opleiding. Uit oude accreditatiebesluiten worden de meest vergelijkbare oordelen getoond. Zie verder berekeningen en normen